De afgelopen jaren is er sprake van een wederzijdse verliefdheid tussen musea en popcultuur. Na onder meer David Bowie, The Rolling Stones, Andy Summers en het hoesontwerpers Hypgnosis is het nu de beurt aan Nick Cave. In museum Voorlinden in Wassenaar is zijn tentoonstelling The Devil – A Life te zien. Cave is inmiddels een van de grootste rockartiesten in de wereld. Met zijn Bad Seeds vult hij gemakkelijk zalen ter grootte van het Ziggo Dome. Ook zijn albums worden stuk voor stuk overladen met positieve kritieken.
Lees meer...
Het donderde in Keulen, want niemand minder dan ‘The Prince of Darkness’ betrad voor zo’n duizend mensen het podium van het theater Tanzbrunnen. Niet om muziek te maken met zijn band The Bad Seeds of in z’n eentje gezeten achter een vleugel. Nee, Nick Cave was er om met medeauteur Seán O’Hagan van het dit jaar verschenen boek Faith, Hope And Carnage te praten. En ook dat levert, net als zijn indrukwekkende shows, vuurwerk op. De zaal hing aan zijn lippen.
Lees meer...
Een immense zaal waarin slechts één vleugel staat, met daarachter een man die zonder enige haast of ophef 26 nummers ten gehore brengt. De cameravoering is rustig, bij de eerste songs zelfs wat afstandelijk. Eigenlijk is de belichting het enige wat subtiel verandert in het zeven kwartier durende solo-optreden van Nick Cave. Plus het aantal losse blaadjes met songteksten dat naast hem op de grond belandt. Het optreden is vastgelegd in Idiot Prayer: Nick Cave Alone at Alexandra Palace, de concertfilm die 5 november wereldwijd in bioscopen wordt vertoond.
Lees meer...